Plaatjes laden...
Columns

De man zonder wapens

Tekst: Ruud Doevendans

 

Januari 2014. Ik ben namens een opdrachtgever in München om een kijkje te nemen in de jeugdopleiding van Bayern. Voor Half 3 wil ik uiteraard best een mooi interview met Gerd Müller hebben, maar dat zit er helaas niet in: “Dat gaat niet meer. Klopt, hij is in functie nog wel assistent bij het tweede elftal. Maar in de praktijk doet hij niets meer. Hij is erg vergeetachtig. Je weet wel …”

En inderdaad, dan weet je het wel. Het bericht van vandaag dat Gerd Müller aan de Ziekte van Alzheimer lijdt, komt voor mij dan ook niet als een verrassing. Evengoed is het toch een schok. Het zoveelste bewijs dat een ongelooflijke mooie generatie voetballers op zijn laatste benen loopt. Om het maar eens concreet te maken: nu, oktober 2015, zijn alle actieve deelnemers aan de WK-finale van 1974 er nog (alleen de Duitse reserve Heinz Flohe is overleden). Ze zijn tussen 63 (Rainer Bonhof) en 74 (Jan Jongbloed) jaar oud. Hoeveel van de 24 actieven van die middag in München zullen er over tien jaar nog zijn?

Gerd Müller dus. Wat kon hij allemaal niet? Best veel, eigenlijk. Müller was niet echt snel, zeker niet over afstanden langer dan vijftien meter. Koppen, daarin was hij met zijn geringe lengte geen grootheid. Een echte passeerbeweging, behalve zichzelf vrijkappen, had hij niet. Met zijn gebrekkige snelheid en weinige bewegingen speelde hij eigenlijk nooit een tegenspeler uit. En waren zijn schoten wel zo hard? Nee, ook dat viel nogal tegen.

Gerd Müller kon scoren. We weten het allemaal, maar desondanks blijft het bijzonder dat juist de man die eigenlijk geen wapens had, toch altijd wist te scoren. Cristiano Ronaldo is ook een groot doelpuntenmaker. Zijn fysieke vermogens zijn ongekend: hij is speersnel, springt torenhoog, is gigantisch explosief. Kijk, daar kun je iets mee. Maar Müller, waar moest hij het dan van hebben?

Van zijn instinct. Müller stond in het zestienmetergebied altijd net iets beter dan de tegenstander. Hij reageerde altijd sneller. Zijn been bleek, hoe kort ook, toch altijd net iets langer. Doelpunten, doelpunten, doelpunten. Met zijn knie, met zijn heup. Met zijn kin, met zijn dij. Soms zelfs gewoon met zijn voet. Frommel, wroet, struikel, frutsel: raak. Het was een tijd waarin nog niet zo veel interlands werden gespeeld. Müller stopte er al op 29-jarige leeftijd mee en kwam tot 62 wedstrijden. Hij scoorde 68 goals. Pas in 2014 ging Miroslav Klose hem voorbij op de eeuwige topscorerslijst van de Duitse nationale ploeg. Hij had er 137 interlands, ruim tweemaal zoveel als Müller, voor nodig.

En al komen er nog twintig spelers die meer gaan scoren dan Gerd Müller, Der Bomber blijft altijd de beste spits die het Duitse voetbal ooit had. Paul Breitner verwoordde het prachtig in een documentaire over het voetbal in de jaren zeventig: “Es gab kein besserer als Gerd Müller. Es wird nie ein besserer geben. Gerd Müller ist der Deutsche Fussball.”

Zonder ooit een kopspecialist te zijn, voetbalde en scoorde Gerd Müller eigenlijk altijd met zijn hoofd. Zijn instinct wáár te staan en hóe te handelen liet hem nooit vallen. Wat treurig, dat juist zijn hoofd hem nu zo in de steek laat.

Half 3 uitverkocht
De 18 nummers van Half 3 zijn inmiddels niet meer verkrijgbaar.