Plaatjes laden...
Columns

Cees van Kooten kostte 70 cent per wedstrijd

Ik heb het me weleens afgevraagd: hoe zou ik gereageerd hebben wanneer mijn veertienjarige zoon me gevraagd zou hebben: mag ik op woensdagavond op de fiets naar een eredivisiewedstrijd, een kleine twintig kilometer verderop? En dan laat op de avond door het donker weer terug, door de landerijen van Twello en Teuge? Geen mobiele telefoon. Nergens bereikbaar. Gewoon hopen dat hij om pakweg elf uur weer netjes thuiskomt. Ik denk dat ik dat niet goedgevonden zou hebben.

Gelukkig vond mijn moeder iets dergelijks wel goed, aan het einde van de jaren zeventig. Sterker nog: ik mocht zelfs een seizoenkaart kopen. Een heel jaar onoverdekt staan op de jongensrang, 25 gulden. Inderdaad, 25 gulden. Omgerekend twaalf euro oftewel zeventig eurocent per wedstrijd. Reed je op je fiets van Apeldoorn naar Deventer, dan werd je vanaf de brug over de IJssel naar het stadion gezogen. De lichtmasten waren nog niet zichtbaar, maar de magnetiserende gloed die ze verspreidden, steeg boven de gebouwen uit: daar moest je zijn, daar wilde je naartoe. Onwillekeurig begon je harder te fietsen.

De Adelaarshorst herbergde in die tijd maximaal zestienduizend toeschouwers, die er natuurlijk niet altijd waren. Wel was het er altijd druk. Je fiets parkeerde je net buiten de stadionmuur, zoals vele honderden anderen ook deden. Je stond laag op de tribune, wat zorgde voor extra verbondenheid met de spelers die je bijna kon aanraken. Voor mij gold al snel dat ik vooral uitkeek naar twee spelers. In de eerste plaats was dat Martin Koopman, de beste Nederlandse voetballer in de geschiedenis die nooit voor Oranje gekozen werd. De rechtsback met de blonde krullen was een geweldige verdediger, technisch zeer vaardig, maar vooral blonk hij uit als hij met de bal aan de voet naar voren stormde en pasklare voorzetten verzond. Het doel van de voorzetten? Cees van Kooten. Die op gevorderde leeftijd het Nederlands elftal haalde. Met vier goals in 526 minuten deed hij het in Oranje zo beroerd nog niet.

Wat Dick Nanninga deed (optreden als stormram op een WK, scoren in de finale) had Cees van Kooten evengoed gekund. Nanninga scoorde 118 maal in de Eredivisie, Van Kooten 144 keer. Van Kooten was minder groot, maar beter met de bal aan de voet. Natuurlijk, nu hij is overleden worden vooral die kopballen gememoreerd, die doeltreffende hoofdbewegingen na die voorzetten van Koopman. Maar Cees van Kooten was veel meer: hij was een prima aanspeelpunt, was sterk met de bal aan de voet en hij had overzicht. Met Van Kooten in de spits had je meer opties. En hij kon keepen! Meer dan eens verdedigde hij, zo vertelde voormalig bondscoach Jan Zwartkruis me ooit, het doel van het Nederlands Militair Elftal.

Koopman verdween naar FC Twente, Van Kooten op zijn oude dag naar PEC Zwolle waar meer helden-op-leeftijd blijkbaar goed konden verdienen. Met deze twee uitblinkers verdween bij Go Ahead Eagles de magie, hetgeen uiteindelijk zelfs tot degradatie leidde. Een degradatie die Van Kooten, zwaar geblesseerd, in 1978 wist af te wenden door tegen FC Amsterdam twee ballen panklaar te leggen voor de scorende Stef Walbeek. De Eagles bleven erin, de Lieverdjes gingen eruit. Zelfs een zweepslag kreeg Van Kooten er niet onder. Nu, 37 jaar later, is hij overleden. De grote, onaantastbare spits bleek uiteindelijk toch klein te krijgen.

Half 3 uitverkocht
De 18 nummers van Half 3 zijn inmiddels niet meer verkrijgbaar.